“Wie weet brengt deze tijd ons ook een nieuw denken over de wereld”

door Bas van der Graaf

Maarten Vogelaar (34) heeft een droom. In de kelders van de Corvershof aan de Nieuwe Herengracht begon hij met enkele anderen een ‘ruimte voor christelijke spiritualiteit’. De ruimte is prachtig ingericht, de bierbrouwketels staan klaar, de droom kan werkelijkheid worden. De plek heet Gist, verwijzend naar ambachtelijk werk als bierbrouwen en broodbakken, maar ook naar verhalen van Jezus die de vernieuwing van de wereld als een gistproces beschrijft.

En toen kwam de tweede lockdown en ging alles dicht. Alles staat in de wachtstand. Ik spreek met Maarten over de vraag of hij zich herkent in het Bijbelverhaal waarmee we tijdens de komende Emmaüswandeling op pad gaan: de beproeving van Jezus in de woestijn. Wat beleeft hij op dit moment en wat hij leert hij?

Maarten neem de tijd om het Bijbelverhaal tot zich te laten doordringen en er over na te denken. Dan begint hij: ‘Ik merk dat ik de neiging heb om in en uit de woestijn te gaan. Ik herken me heel erg in het verhaal van Jezus’ woestijntijd, maar wil er ook het liefst uit wegblijven. De vraag die meteen bij me opkomt is: koos Jezus zélf voor de woestijntijd, als voorbereiding op zijn zijn missie? Of overkwam het hem? Daar lijkt het wel op, want het valt mij op dat ‘de Geest hem de woestijn inleidt’. Hoe is dat dan voor mij, vraag ik me af. Zo’n woestijnperiode kan dus een noodzakelijke voorbereidingsfase van iets zijn.

 

Wat herken je in het verhaal over je eigen situatie?

In elk geval herken ik me erin dat Jezus in de woestijn wordt geconfronteerd met zijn angsten en demonen. Eén zo’n verleiding is dat ik denk: wat wíj doen is zó belangrijk voor mensen, dat rechtvaardigt een uitzondering op de maatregelen. Laten we dus maar open gaan. Daarmee maak ik mezelf en dit project veel te belangrijk! Een andere verzoeking is dat ik denk: Wie ben ik nou helemaal als ik niks bereik? Als die gedachte bij me opkomt voel ik dat ik mijn identiteit laat afhangen van wat ik presteer. Een neiging die ik vaker heb. En daarmee komt ook, juist in de woestijn, de vraag op scherp te staan: wie ben ik zelf? Weet ik mezelf geliefd en durf ik dat te geloven, ook als ik op mezelf wordt teruggeworpen? Ik wil zo graag aan anderen laten voelen dat ze geliefd zijn, maar nu het hier zo stil is gaat het eerst om de vraag: voel ik mezelf geliefd? Al deze gedachten en gevoelens verklaren heel goed waarom ik de neiging heb om in en uit de woestijn te gaan. Ik vlucht liever in een fata morgana waarin ik me goed voel dan dat ik zo met mezelf wordt geconfronteerd. Maar toch moet ik hier zijn.

 

Ik vlucht liever in een fata morgana waarin ik me goed voel dan dat ik zo met mezelf wordt geconfronteerd.

 

Gaan er in deze woestijntijd ook nieuwe mogelijkheden voor je open?

Je gaat om te beginnen andere dingen doen dan je eerst dacht. We waren volop bezig met het denken over inhoud en programma’s, maar nu besef ik dat het eerst en vooral om deze fysieke ruimte gaat. We moeten eerst hele concreet dingen gaan doen in deze ruimte, om te beginnen het ambachtelijke werk: bier brouwen en broodbakken. Dat was de kern van de droom, maar de mogelijkheden die in dat fysieke en concrete liggen komen weer heel sterk terug.

Ik leer ook dat niet alles mogelijk is, dat er soms een muur is die je niet over kunt gaan. Dat is voor mijn generatie een heilzame ontdekking. Het denken in mogelijkheden was zo natuurlijk, maar de ervaring van niet-kunnen is heel fundamenteel. Alle mystici beschouwen het als een van diepste geheimen van spirituele groei: dat in onze onmogelijkheden de overgave voor andere wegen ontstaan. Dat is ook de overtuiging van Jezus, als hij zegt dat een graankorrel alleen vrucht draagt als hij in de aarde gaat en sterft.

 

Ik wil graag mee-ademen met de Geest die dat nieuwe geboren wil laten worden

 
Dat doet me denken aan nog een andere Bijbelse metafoor, die over de hele schepping gaat. De apostel Paulus hoort de hele schepping zuchten en kreunen onder lijden en onrecht. Maar hij hóórt in dat zuchten de belofte van een nieuwe geboorte. De pijn van de wereld is geboortepijn, het zuchten is het zuchten als van een barende vrouw. Ik vind dat een heel hoopvol beeld, want het betekent dat wij ons erin mogen oefenen om mee te puffen met de barende schepping. Wie weet brengt deze woestijntijd ons ook tot het besef dat er in deze tijd een nieuw denken kan worden geboren over hoe we de wereld beheren. Nu zucht de schepping onder alles wat wij kapot maken. Ik wil graag mee-ademen met de Geest die dat nieuwe geboren wil laten worden.

 

Wat kun of wat moet je doen om uit de mogelijkheden die je ontdekt te leven en te werken?

Ik zou om te beginnen tegen mezelf zeggen: zoek de woestijn op. Ga erin, vlucht er niet uit, ga de beproeving aan, laat je niet verleiden door een fata morgana. Het is niet gemakkelijk, maar ik moet er nu wel even zijn.

En verder denk ik dat het heel belangrijk is om fysieke dingen te doen. Sporten, de natuur in, ambachten beoefenen. Brood kneden heeft een helende werking. Allemaal dingen die me in mijn lijf brengen en houden. Maar daar past ook vasten bij: me onthouden van eten en drinken, om zo de eenheid van mijn lijf en mijn ziel beter te voelen.

En tenslotte raakt het me dat Jezus zegt: komt tot inkeer. Het Griekse woord wat hij gebruikt – ‘metanoia’- betekent ‘op andere gedachten komen, een nieuwe visie op het leven en de wereld omarmen. Een visie die heilzaam is voor de wereld en helpt om het nieuwe geboren te laten worden. Naar dat soort inkeer verlang ik, voor mezelf, voor Gist en voor de wereld.

 

In de veertigdagentijd organiseert Holy Hub wandelingen met verdieping, elke zondag aan de hand van een nieuw thema. Voor deze zondag is het thema woestijntijd. Heb jij weleens een woestijntijd meegemaakt?

Lees hier verder over de wandelingen

Wil je verder lezen? 

Wil je wekelijks inspiratie in je mailbox?